BNIX blaast 30 kaarsjes uit
Voor deze bijzondere mijlpaal vroegen we enkele collega’s naar hun hoogtepunten, anekdotes en inzichten. Hun antwoorden zijn verrassend, inspirerend en getuigen van een grote passie voor BNIX. Ontdek het in onze video!
1995: het internet staat nog in zijn kinderschoenen, en is – zo gaat dat met nieuwe innovaties – nog zeer rudimentair geregeld. Maar vele landen, met België voorop, zien snel de nood aan meer organisatie en efficiëntie in.
En dus richt Belnet in 1995 het Belgische internetknooppunt BNIX op, een platform dat het Belgische internet nu al 30 jaar lang van efficiëntie, performantie en stabiliteit voorziet, zowel voor participanten als alle eindgebruikers – ook dit interview heeft immers zo goed als zeker via BNIX uw scherm bereikt.
Ter gelegenheid van die 30e verjaardag spraken we met Dirk Haex, algemeen directeur van Belnet, dat als Belgisch National Research & Education Network (NREN) vandaag nog steeds BNIX beheert.
- Dirk, neem ons even mee terug naar 30 jaar geleden: waarom was er überhaupt nood aan zo’n platform?
- In 1995 was ik zelf nog student en stond het internet aan het begin van zijn ontwikkeling. Bij gebrek aan een alternatief, liep het dataverkeer van Belgische internetpartijen via ‘transit’ richting de Verenigde Staten. Met andere woorden: alle verkeer tussen Belgische aanbieders en afnemers moest eerst helemaal naar Amerika en terug om zijn bestemming te bereiken. Dat was duur en inefficiënt, en werd al snel onhoudbaar gezien de snelgroeiende datastromen. De grote sectoractoren, denk aan Belgacom en Skynet destijds, waren uiteraard de eersten om de nood aan een lokale distributie van data in te zien.
- Hoe is Belnet daarbij in the picture gekomen?
- Belnet was toen als pas opgerichte NREN om twee redenen een logische keuze: niet alleen hadden we daar de toen heel zeldzame expertise voor, we konden als niet-commerciële en dus neutrale organisatie ook handelen in het belang van alle partijen. Zo werd BNIX geboren, met als missie om een stabiel en neutraal platform te bieden voor lokaal dataverkeer.
- Welke meerwaarde brengt zo’n rondpunt concreet?
- Voor de participanten, waaronder grote internetproviders en tal van contentplatformen zoals Netflix en Facebook, betekent een aansluiting op BNIX eerst en vooral een kostreductie, maar ook een stevige vooruitgang qua performantie. Bytes kan je een beetje zien zoals auto’s: BNIX geeft hen een brede baan waarlangs ze de kortst mogelijke route kunnen nemen naar hun eindbestemming.
- Dat geeft de eindgebruiker ook een veel soepelere ervaring: content is onmiddellijk en – uiteraard op voorwaarde van een goede internetverbinding – zonder haperingen beschikbaar. Zonder BNIX zou dat vandaag, met de enorme datastromen, ondenkbaar zijn.
- Daarnaast biedt BNIX ook een veilige en wettelijk stevig gereguleerde omgeving die participanten de mogelijkheid biedt om redundantie in te bouwen. Bij internationale storingen kan het dataverkeer via BNIX toch lokaal blijven verlopen.
Bytes kan je een beetje zien zoals auto’s: BNIX geeft hen een brede baan waarlangs ze de kortst mogelijke route kunnen nemen naar hun eindbestemming.
- Wat beschouw jij persoonlijk als de belangrijkste mijlpalen van BNIX?
In de eerste plaats de oprichting op zich, vooral omdat BNIX een van de allereerste Internet exchanges in Europa was. Echt pionierschap dus, wat altijd deel van ons DNA is gebleven, want we stonden ook mee aan de wieg van zowel ISPA als Euro-IX. EURO-IX is een internationale vereniging om kennisuitwisseling tussen internetknooppunten te bevorderen. We zijn daar zeer actief in betrokken. Zo hebben we eerder dit jaar nog het halfjaarlijkse Euro-IX-event in Antwerpen gehost, wat een groot succes was.
Nog een mijlpaal: recent werd onze collega Frédéric Libotte verkozen als vicevoorzitter van de raad van bestuur van Euro-IX – zo kunnen we de toekomst van de internetknooppunten mee blijven sturen vanuit de cockpit.
- Waar ben je het meest trots op?
In het algemeen zijn we erin geslaagd om met een klein en supergedreven team gedurende 30 jaar een enorm stabiel platform aan te bieden met een zeer professionele dienstverlening. Dat komt onder andere omdat we altijd proactief hebben opgeschaald en vernieuwd, waardoor we potentiële saturatie altijd ver voor waren. Dat BNIX de enorme, en vooral totaal onverwachte, toename van internetverkeer tijdens COVID probleemloos heeft verwerkt, is wat dat betreft een prestatie om heel fier op te zijn.
En sinds de zeer recente vernieuwing van het platform hebben we er alle vertrouwen in dat BNIX volledig klaar is voor de evoluties - verwacht én onverwacht - die op ons pad zullen komen.
Ook mooi: het nieuwe platform draagt bij aan een fikse verlaging van de ecologische voetafdruk van het Belgische internet. Dankzij de technologische vernieuwing verbruiken het aantal aangeboden poorten op het nieuwe platform slechts een derde van de energie in vergelijking met het vorige platform. Ook voor zulke zaken hebben we terecht aandacht.
- Op die toekomst gaan we zo meteen in, maar eerst even naar de voorbije evolutie van het internet als geheel: hoe heb jij die de voorbije 30 jaar ervaren?
- We kunnen vanzelfsprekend niet om de algemene exponentiele groei van de datatrafiek heen. Waar een 100 gigabit-poort nog niet zo heel lang geleden iets exotisch was, is dat nu gewoon de standaard. Maar ook onze gewoontes zijn veranderd. Vroeger deden de datapieken op BNIX zich vooral ’s avonds voor, maar dat is met name door de opkomst van smartphones, streaming en telewerk helemaal veranderd. Al enkele jaren zien we een constant hoog plateau van ’s ochtends tot ‘s avonds. Gebruikers consumeren voortdurend content en dat zien we ook op ons platform.
Vroeger deden de datapieken op BNIX zich vooral ’s avonds voor, maar dat is met name door de opkomst van smartphones, streaming en telewerk helemaal veranderd. Al enkele jaren zien we een constant hoog plateau van ’s ochtends tot ‘s avonds.
- Kan je dat in cijfers inzichtelijk maken?
Tien jaar geleden, in 2015, bedroegen de pieken op BNIX ‘slechts’ 120 Gbit/s, terwijl ze sinds corona vlotjes de 500 Gbit/s halen – een verviervoudiging dus op slechts vijf jaar tijd. De nood aan capaciteit bij onze participanten is daardoor ook gestegen: alleen al tussen 2010 en 2015 groeide het aantal 10 Gbit/s-verbindingen van 15 naar 49.
Trouwens, elk jaar halen we in januari de media met de meest opvallende BNIX-cijfers van het voorbije jaar - dé referentie om internettrends in België in te schatten.
- Durf je voorspellen hoe het dataverkeer er in 2030 zal uitzien?
- Daar waag ik me liever niet aan. Technologie ontwikkelt zich razendsnel en soms op onvoorspelbare wijze. Zeker is wel dat verschillende ontwikkelingen het internetverkeer verder gaan doen stijgen. De almaar toenemende resolutie van content bijvoorbeeld. En AI uiteraard. Wanneer generatieve AI echt verweven wordt met ons dagelijkse leven, kan dit een gigantische impact hebben op de benodigde bandbreedte. En ook bedrijven gaan steeds meer taken door AI laten uitvoeren: gaat dat vooral in de cloud gebeuren of eerder on-premise? In het eerste geval mogen we ons ook daar aan enorme extra datastromen verwachten.
- En welke impact zal dit hebben op BNIX?
- Voor die toename van internetverkeer is BNIX zoals altijd helemaal klaar, zeker sinds de recente vernieuwing van het platform. Hoe lang dit zo blijft, is afwachten, maar dat houden we natuurlijk in het oog.
- Er zijn wel enkele andere opportuniteiten en uitdagingen. Zo zien we dat de datacenters in bijvoorbeeld Nederland stilaan verzadigd geraken, waardoor digitale spelers steeds vaker naar België uitwijken. Ons land heeft immers nog ruimte voor de creatie van datacenters en dus capaciteit. Dat biedt zeker kansen voor BNIX om extra knooppunten aan te bieden.
- Tot slot evolueren ook de noden van onze participanten, los van de toenemende trafiek. Ook daarop anticiperen met een goed evoluerende dienstverlening, zal cruciaal blijven.
- Het huidige geopolitieke klimaat speelt daarbij wellicht ook een rol.
- Klopt, digitale soevereiniteit wordt steeds belangrijker. BNIX is als nationaal knooppunt niet alleen een kroonjuweel in het Belgische digitale landschap, maar ook essentiële infrastructuur die aan een reeks wettelijke verplichtingen en veiligheidsnormen moet voldoen. De naleving daarvan wordt opgevolgd door onze autoriteiten, waaronder het BIPT, zodat het platform veilig, betrouwbaar en continu operationeel blijft.
Digitale soevereiniteit wordt steeds belangrijker. BNIX is als nationaal knooppunt niet alleen een kroonjuweel in het Belgische digitale landschap, maar ook essentiële infrastructuur die aan een reeks wettelijke verplichtingen en veiligheidsnormen moet voldoen.